Instructie noppenplaten zelf leggen

Rand isolatie

Om scheurvorming door krimp en uitzetting te voorkomen, is het noodzakelijk om randisolatie aan te brengen in de dekvloer. Door de randisolatie kan de vloer namelijk vrij bewegen.

De ondergrond moet vlak, droog en vrij van hindernissen zijn. Hecht d.m.v. nietjes en de kleefband, de randisolatie tegen alle muren die in contact staan met de verwarmde vloer (A). Ook moeten alle voorwerpen (bv. pilaren of muren) die in het vloeroppervlak staan, van randisolatie voorzien worden.
Let erop dat de overlappingsfolie aan de vloerzijde zit.

Verdeler aansluiten

Bevestig de verdeelunit stevig tegen de muur. Als de verdeelunit in een andere ruimte hangt, boor dan alvast de gaten voor de slangen welke door de muur heen gaan. Let er wel op dat de gaten daar worden geboord, waar later cement dekvloer komt. Als alles klaar is, is dan ook alles netjes weggewerkt. Om geluidsoverlast door trillingen te voorkomen moet een verdeler in combinatie met een pomp aan de wand gemonteerd worden. De wand moet een zwaarte hebben van ten minste 200 kg/m2. Dat komt neer op minimaal 100 mm dik kalkzandsteen of 80 mm dik beton.

Noppenplaten neerleggen

Leg de noppenplaten overal in de ruimte waar vloerverwarming moet komen. Snij de noppenplaten op maat met bijvoorbeeld een stanleymes. Let op dat het patroon mooi in elkaar overloopt.

Slang tussen noppenplaten duwen

U bent nu gereed om de éérste groep te gaan leggen. Begin ongeveer 10 cm uit de kant. En leg vervolgens voor bijverwarming de slangen 15 cm uit elkaar en hoofdverwarming de slangen 10 cm uit elkaar volgens de onderstaande afbeelding. Rol de vloerverwarmingbuis als een wiel voor u uit. Zo rolt u de buis af, zoals deze is opgerold en zal deze niet gaan kronkelen. U kunt hem dan heel eenvoudig met uw voet tussen de noppen duwen. Zorg overigens dat de buis nooit knikt.

Slang aan verdeler vast maken

Sluit nu de slangen aan op de verdeelunit. Aanvoer van de groep op de onderste koker en de groepsretour op de bovenste koker van de verdeelunit. Dit doet u doormiddel van het gebruik van de slang koppelingen.

Systeem testen

De vloer is nu bijna klaar om er een smeervloer op aan te smeren. Maar eerst is het belangrijk dat u uw systeem eerst goed test. Een mogelijke lekkage kan dan makkelijk worden verholpen als u er achterkomt voordat u de smeervloer er in hebt liggen. Dit kunt u het beste doen door de slangen onder druk te zetten met ongeveer 3 bar. Hiervoor kunt u het beste perslucht (door middel van bijvoorbeeld een compressor) of waterdruk gebruiken. Als u de druk er een half uur op laat staan en merkt dat de druk meteen of na een tijdje weg zakt dan weet u dat er een lekkage in het systeem zit.

Vloer gereed om smeervloer neer te leggen

U kunt nu gaan beginnen met het aanleggen van de smeervloer. Echter wordt het wel zeer aangeraden om gebruik te maken van de 2 soorten toevoegmiddelen. Een toevoegmiddel zorgt er voor dat de levens duur van uw verdeler wordt verlengt. Deze dient u dus in het water van uw vloerverwarming toe te voegen. Het anderen toevoegmiddel zorgt dat de vloer niet gaat scheuren bij opwarming. Dit dient u dus bij de cement van de smeervloer toe te voegen. Deze hebben wij ook nog in een speciale variant namelijk voor zandcementvloeren. Mocht u vloerverwarming in een ruimte hebben waar het kan vriezen of bijvoorbeeld uw oprit dan is het noodzakelijk dat u een ethyglycol (antivries) toevoegmiddel gebruikt. Zodat uw leidingen en verdeler niet kapot vriezen.

Drinkwaterleidingen (koudwaterleidingen)

LET OP! Om legionellavorming te voorkomen, moeten de koudwaterleidingen zo gelegd worden dat de temperatuur niet boven de 25 °C uitkomt. In de praktijk betekent dat dat de koudwaterleidingen minimaal 20 cm van de vloerverwarming af moeten liggen.

Het is nog beter om de koudwaterleidingen niet in de dekvloer te leggen waar de vloerverwarming ligt. Vloerverwarmingsleidingen mogen kruisen met koudwaterleidingen, mits beide leidingen zijn geïsoleerd waar ze elkaar kruisen. Meerdere leidingen/velden kruisen is niet toegestaan.